Monday, June 18, 2007

Vogelpoep

Ze worden gekscherend wel de ´Galapagoseilanden voor de armen´ genoemd. Maar de Islas Ballestas zijn niets om je voor te schamen. De eilandjes zijn -als het weer meewerkt- per speedboot in een uur te bereiken. Vanaf de Stille oceaan komt in dit jaargetijde dagelijks een enorme mistbank opzetten. Hoofdstad Lima is daardoor hevig gesluierd, maar ook Pisco, waarvandaan de eilandjes te bereiken zijn. Nou zijn Wies en ik tegenvallertjes en wachttijden inmiddels wel gewend. Maar als je moeder langskomt én je schoonmoeder in spe, dan zit je niet te wachten op wachten, vooral niet omdat ze maar een week blijven en een reis van 22 uur van Nederland naar Peru achter de rug hebben. Bovendien is aankomstplaats Lima -op zijn zachts gezegd- niet om over naar huis te schrijven. Dus lijkt het mij evenmin waard er hier veel woorden aan vuil te maken. De reis naar Pisco neemt nog eens vijf uur in beslag. Talmen in de mist is dan geen geintje. Anderzijds: dan kan drie uur wachten tot de haven vrij wordt gegeven er nog wel bij. Souvenirwinkeltjes zat. Zelden heb ik mensen zo weinig horen klagen als onze moeders.

Als de boottocht door de snijdende wind dan begint, dan vervallen alle redenen tot klaagzang onmiddellijk. De Islas Ballestas zijn namelijk gewoon heel bijzonder. Ongewoon dus. Guano is waarom de rotsen in zee bekend zijn geworden. Anderhalve eeuw geleden ontdekte men dat de overvloedige poep die de vogels op de eilanden achterlaten, een geweldige kunstmestsoort is. Het spul was op een gegeven moment zelfs het belangrijkste exportproduct van Peru. En nog steeds wordt eens in de vijf, zes jaar in een grote campagne de vogelmest van de rotsen geschraapt. En het is nogal wat. De eilanden lijken vanuit de verte zwart. Dichterbij gekomen blijkt de kleur het resultaat van een overbevolking van zwarte vogels, die stuk voor stuk de boel onder schijten. Vanaf flinke afstand op zee is de pislucht al niet te missen. Dat wil toch niemand zijn moeder onhouden.

De vele vogels, waaronder pinguïns, lepelaars en wat al niet meer, zijn mooi. Prachtig om naar te kijken. Maar wij mensen hebben toch een zwak voor zoogdieren. De groep zeeleeuwen maakt een nóg minder uitwisbare indruk. Geweldig om de kleintjes, de lieve moeders met hun lange snorharen en de imposante vaders in de zon op de rotsen te zien liggen. Hier en daar steekt er één zijn kop uit het water, vlak bij de boot, een krab in zijn bek. Daarvoor hebben we mama´s mee naar het Zuiden genomen. Het is de uren wachten meer dan waard. Zeker als het gehoopte toetje vlak bij de haven volgt. Dolfijnen. Opeens duiken ze overal op. De aaibare Flippers spelen met ons. Ze hebben haarfijn in de gaten dat ons bootje speciaal is. Het vervoert twee dappere moeders.

No comments: